U bevindt zich hier: HomeSoftware GenealogieNieuws genealogieGeneanetGeneaStar - De genealogie van de beroemdheden: Joseph ALBERDINGK THIJM

Oude beroepen met een B

B

Baaiwerker
Baai is een dik en grof weefsel, een op molton gelijkend flanel.

Baertscheerder
Oftewel een barbier. Een beroep dat in het verleden meestal samenging met dat van chirurgijn (zie aldaar). Als herkenningsteken van hun beroep hadden de baardscheerders een ronde paal in de kleuren rood, wit en blauw aan de gevel staan. Van oudsher werd deze paal een vlaggestok genoemd, later bekend als barbierspaal.

Balansenmaker
Deze man blonk niet alleen uit in het maken van weegschalen, maar ook in het vervaardigen van gewichten. Een uiterst nauwkeurig werk, want die gewichten dienden aan een belangrijke eis te voldoen, namelijk het juiste gewicht aangeven. Die gewichten moesten daarom geijkt zijn.

Baleinwerker
Balein is een reep veerkrachtige stof, gemaakt uit de baarden van de walvis. Baleinen werden gebruikt voor het in model houden van kledingstukken, zoals bijvoorbeeld een keurslijf.

Baliusknecht
Knecht van de rechterlijke ambtenaar die in een bepaald gebied de rechtspraak doet. Baliu, elders ook schout of drost genoemd.

Ballenmaker
Ballen voor diverse doeleinden werden, al naar het doel van hun gebruik, gedraaid van hout of been, soms zelfs van ivoor.

Bandwever
Band is een geweven lint van linnen, katoen of fluweel. Een bandwever is iemand die werkzaam was in een bandweverij (zie verder lintwever).

Barbier
Zie onder baertscheerder en chirurgijn.

Bardemakere
Maker van baerden (soort handbijlen, o.a. hellebaarden). Een bardemakere was ook een barbier; hij die baarden bijknipt.

Bardesaenmaecker
Een bardisaen of pertisaen was een soort heelbaard die vooral in de strijd tegen de cavallerie werd gebruikt.

Beeldsnijder
Beeldsnijden is het beeldhouwen in hout of ivoor.

Behangselschilder
Geschilderd behang was in vroeger tijden een zeer populaire wanddecoratie. Door een toenemende vraag naar geschilderd behang, vooral door de rijke adel en de beter gesitueerde koopmansstand, werden er in de achttiende eeuw zelfs behangselateliers opgericht. Daar werkten schilders continue aan het schilderen van behang.

Bergenvaarder
Een schipper die op Bergen in Noorwegen voer om daar stokvis in te laden bestemd voor Amsterdam.

Besteedster
Een besteedster zou je kunnen zien als de eigenaresse van een achttiende eeuws uitzendbureau. Zij verhuurde namelijk dienstboden aan een ieder die dit kon betalen. Zij verhuurden ook minnemoers. Minnemoers waren vrouwen die het kind van een ander aan de borst hadden. Uiteraard tegen betaling.

Betielbakker
Betiel is een dialectische nevenvorm van plateel (zie plateelbakker).

Beuker
Dialectische naam voor kuiper, evenals bodeker (zie kuiper).

Beurtschipper
Beurtvaart is een vaste vaart op gezette dagen, onderhouden door beurtschippers. Zij onderhouden een geregelde dienst tussen twee of meer plaatsen.

Bezembinder
Ook wel besemmaaker genoemd. Boenders en bezems werden weleer gemaakt van oude dopheide. In maart en april werd deze dopheide met blote handen geplukt. De heide werd vervolgens gedroogd en daarna gebonden om er bezems van te maken. Een zeer zwaar werk, omdat de bundels stijf moesten worden aangehaald.

Bierdrager
Ook wel bierwerkers genoemd. Zij verzorgden zowel het lossen van de vaten bier uit de schuiten naar de kelders van de bierstekers (zie aldaar), als het vervoer van bestellingen door particulieren of tappers. Het was zwaar werk. Bier werd gevaat in tonnen van 155 liter, ook wel in halve of vierendeelstonnen. Het lossen gebeurde meestal met wippen of kranen die op de bierkaai stonden.

Bierkoper
Zie biersteker

Biersleper
Zie bierdrager

Biersteker
Ook bierkoper, bierbeschooier en bierhandelaar genoemd. Eigenlijk was hij een soort tussenhandelaar, want het bier mocht niet rechtstreeks vanuit de brouwerij aan de consument worden verkocht.

Bilder
De bilder scherpte molenstenen.

Blaasbalgmaker
Een blaasbalg is een werktuig tot het samenpersen en uitblazen van lucht en werd onder meer gebruikt om een vuur beter te doen branden. De materialen die voor het maken van blaasbalgen gebruikt werden waren leer, hout en koper(beslag).

Blauwverver
In het hele productieproces van de lakennijverheid was het verven van het laken misschien wel de belangrijkste bewerking. Als het laken was geweven ging het naar de verver. Deze bereidde deze verf in grote ketels, die hij vulde met plantaardige verfstoffen, water en beitsmiddelen als aluin en urine. Voor de kleur rood werd meekrap gebruikt, voor de kleur blauw indigo. Het mengsel werd aan de kook gebracht en dan roerde de verver, meestal bijgestaan door enige knechten, met lange stokken de lakens urenlang door het dampende verfbad. Een nauwkeurig werk, want de schoonheid en de deugdelijkheid van de kleuren waren immers doorslaggevend voor de handelswaarde van het laken. Na het verfbad werden de lakens goed uitgespoeld en buiten aan palen te drogen gehangen.

Bleker
Eigenlijk een verzamelnaam voor hen die zich bezighielden met het bleken of reinigen van linnen, lijnwaden, garens en kleding. Zie verder onder: garenbleker, kleerbleker, linnenbleker en lijnwaadbleker.

Blidemakere
Maker van blijden (oorlogswerktuigen om stenen weg te slingeren).

Blikslager
Blik is geplet en vertind plaatijzer, uitgeslagen in dunne bladen. De man die ermee werkt wordt blikslager genoemd.Een beroep dat soms samenging met dat van koperslager. Van blik werden allerlei huishoudelijke voorwerpen gemaakt.

Blinkere
Mogelijk vergulder.

Blookemaker
Een blookemaker of blokmaker is iemand die katrollen en schijven voor takels maakt, veelal voor schepen.

Bode
Er bestonden van oudsher verschillende categorieën van boden. Iemand die brieven of pakjes naar bepaalde steden of gewesten vervoerde en een bode in dienst van het gerecht of van het gemeentebestuur. Een dienaar die vanwege het stadsbestuur bood was dus een aanzegger, maar ook de man die namens de burgemeester iemand kon dagvaarden. Hij was dus zoveel als deurwaarder.

Bodeker
Ook beuker. Streeknaam voor kuiper (zie aldaar).

Boekbinder
Een persoon wiens ambacht het was boeken te binden, in te naaien.

Boekvergulder
Werkte nauw samen met de boekbinder. Hij bracht in goud de versieringen aan op de boekomslag. Dit gebeurde door middel van goudfolie en een stempel dat verhit werd. Niet alleen de band werd fraai versierd, ook de snede. Dit zijn de drie door de binder, na het binden, recht afgesneden zijden van het boekblok. De snede werd dan verguld en soms met bepaalde rolstempels geprofileerd.

Boekverkoper
In het verleden was een boekverkoper tevens boekdrukker.

Boekweitmolenaar
Men sprak van 'boecweit', letterlijk beuktarwe, omdat de korrels overeenkomst vertoonden met beukenootjes. De uitgang 'weit' duidt op het witte meel dat van de korrels verkregen wordt. Dit gebeurde met de boekwietmolen tussen stenen.

Boendermaker
Een boender is een werktuig om mee te schrobben. Een lange boender voor vloeren en gangen, een platte boender voor houtwerk en een heiboender voor potten, vaten en gootstenen. Ze werden dikwijls vervaardigd van varkenshaar. De boendermaker, ook wel borstelmaker genoemd, vervaardigde zijn boenders behalve van varkenshaar ook wel van hei.

Boetere
In het algemeen reparateur. In de lakenindustrie degene die tijdens het verwerkingsproces gemaakte fouten en onvolkomenheden wegwerkt.

Bogartman
Exploitant van een boogaard of gaarde van vruchtbomen.

Boksenmaker
Ook wel geschreven als boxemaker. Mogelijk de vervaardiger van een soort beenbekleding, maar eigenlijk een broekenmaker.

Bombazijnwerker
Bombazijn is een bepaalde geweven stof, oorspronkelijk bestaande uit zijde of uit zijde gecombineerd met kemelshaar en katoen. Leter ook uit ketting van zijde en inslag van kamgaren of geheel uit kamgaren vervaardigd. De stof werd veelaal gebruikt voor voering en het maken van 'werkmans ondergoed'. Een bombazijnwerker is dus iemand die bovengenoemde stoffen weeft of verwerkt.

Bondenare
Mogelijk iemand die kleren en wapenuitrustingen aanbond.

Bontwerker
Ook wel pelser genoemd. Iemand wiens beroep het is pelswerk te bereiden of te bewerken. In vroeger tijden werden de bontwerkers ook wel 'grauwwerckers' genoemd.

Boodschapper
Noder ter begrafenis (zie aanspreker).

Boogmaker
Een boog is een wapentuig, bestaande uit een stok of reep van taai hout, riet, staal of andere veerkrachtige stof, gebogen door middel van een tussen beide uiteinden gespannen pees, streng of koord.

Boratwever
Borat is een bepaalde geweven stof, voorheen gewoonlijk bestaande uit zijde en wol. Het werd voor allerlei kledingstukken gebruikt, vooral voor kousen, maar ook voor mantels. De boratwever behoorde tot dezelfde gilde als de droogscheerders, greinwerkers en stofjeswerkers.

Borduurder
Een ware kunstenaar op zijn vakgebied. Een borduurder, ook wel 'borduerwercker' genoemd, moest 'veel stuckskens ende draetkens van verscheydene verwen konstelick ende aerdighlick aen malkanderen voeghen, alsoo datter een schoon beelt, ofte ander fraey werck van komt'.

Bossemaker
Geweermaker, ook roermaker. Zie bussemaker.

Bouwman
Eigenlijk iemand die het land bebouwt, bewerkt, een landbouwer, een akkerman.

Brandewijnbrander
Brandewijn is een alcoholische drank, verkregen door distillatie uit gegiste grondstoffen. Dat zijn vloeistoffen waarin door gisting alcohol is ontstaan. Men gebruikt hiervoor graan, druivesap, vruchten of de wortel van de gentiaan.

Brandewijntapper
Eigenlijk een waard, een caféhouder, die voor iedereen die een borrel nodig had, een glas brandewijn tapte.

Bratwerker
Zie boratwever.

Breier
"Zulke personen, die door middel van priemen hand- en beenkleederen van garen met mazen of steken in elkander werken, noemt men breiders of breidsters."

Brillenmaker
Wanneer de eerste brillen in Nederland werden gemaakt is niet bekend. Omstreeks 1300 zou in Haarlem de bril reeds zijn gebruikt als hulpmiddel bij het lezen. Oorspronkelijk waren de brillenmakers alleen in de steden te vinden. Daar woonden mensen als kooplieden, magistraten, advocaten, kortom mensen die konden lezen en schrijven. Later, toen men op het platteland ook de leeskunst machtig was geworden, trok de brillenmaker er op uit met zijn houten kraam voorzien van allerhande soorten brillen om zijn waren te slijten.

Broodbakker
Brood, vanouds het meest gewone voedsel en dus een eerste levensbehoefte. Ook in het verleden kende men allerlei soorten brood. Zo had je het fijne 'heerenbroot' en waren er broodsoorten van haver, gerst en zelfs bonen. Door toevoeging van allerlei kruiden kon men veel variaties maken.

Broodweger
Door de stedelijke overheid aangestelde personen, die tot taak hadden het door de bakkers gebakken brood op gewicht te controleren.

Brouwer
Bier is zo oud als onze beschavingsgeschiedenis en dus het beroep van brouwer ook. Toch was het brouwen van bier tot in de middeleeuwen thuiswerk, gedaan door vrouwen als onderdeel van de huishoudelijke taak. Men gebruikte daarvoor in een stad als Amsterdam het toen nog heldere grachtwater en uiteraard gruyt. Dit gruyt was een mengsel van verschillende kruiden waarmee men het bier smaak en aroma gaf. En dat ouderwetse gruytbier werd kortweg 'kuyt' genoemd en de brouwers die dit bier maakten waren kuytenbrouwers. En toen de hop werd gebruikt voor het brouwen van bier ontstond de naam hoppenbrouwer.

Buskruitmaker
Buskruit is een poeder voor bussen; dat is geschut. Het zou in 1350 voor het eerst zijn toegepast. Het is een licht ontbrandbaar mengsel van houtskool, salpeter en zwavel. Vroeger sprak men van 'bussencruyt' en 'bossencruyt'. Het was bovendien een gevaarlijk goedje en de stadsbestuurders van weleer probeerden het zoveel mogelijk buiten hun muren te houden. Het waren molens (kruitmolens) waarmee buskruit werd gemaakt.

Bussemaker
Ook wel bossemaker genoemd. In de middeleeuwen was 'bus' een naam voor allerlei geschut. Later, in de zestiende en zeventiende eeuw, was bus een draagbaar vuurwapen, een geweer. Een bussemaker was dus een geweermaker.

Nieuwsflitsen

Een mogelijke verhuizing van het Terneuzense archief naar het Zeeuws Archief in Middelburg stuit niet alom op een ‘njet’ bij heemkundige organisaties in Terneuzen.

Het Terneuzense archief zit met achterstallig onderhoud en moet worden gedigitaliseerd. Twee toekomstplannen liggen op tafel: het in eigen huis aanpakken of verkassen naar...

Lees meer...
Go to top